ECLI:NL:RBDHA:2021:15412
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag bij besluit van 20 januari 2021 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld op 10 februari 2021, samen met een andere zaak (NL21.1239). Bij uitspraak in die zaak is het beroep behandeld, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter B. Fijnheer en griffier A.M. Zwijnenberg op 19 februari 2021. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep reeds is behandeld.