ECLI:NL:RBDHA:2021:15182
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen ROV-maatregel wegens betrokkenheid bij incident in opvanglocatie
Eiser, een persoon van Libanese nationaliteit, kreeg op 12 augustus 2020 een ROV-maatregel opgelegd door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), waarbij gedurende vier weken een bedrag van € 5,- per week werd ingehouden op zijn toelage. Deze maatregel volgde op een incident op 8 augustus 2020 in de opvanglocatie te Duinrell, waarbij een ruzie met een medebewoner uitmondde in fysiek geweld.
Eiser stelde dat hij het slachtoffer was en dat de feiten anders lagen dan door verweerder gesteld. De rechtbank oordeelde echter dat verweerder voldoende feiten had vermeld die de maatregel konden dragen. Hoewel de verklaringen van eiser en de medebewoner niet volledig overeenkwamen, was duidelijk dat eiser betrokken was bij het incident, zich geïrriteerd had gedragen, had gescholden en beledigende taal had gebruikt.
De rechtbank concludeerde dat eiser een aandeel had gehad in de confrontatie die tot fysiek geweld leidde. De huisregels van verweerder verbieden dergelijk gedrag. Daarom was de maatregel terecht opgelegd en werd het beroep ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de ROV-maatregel is ongegrond verklaard en de inhouding op de toelage blijft gehandhaafd.