ECLI:NL:RBDHA:2021:14746

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 december 2021
Publicatiedatum
31 december 2021
Zaaknummer
AWB 20/4371
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkheid beroep in vreemdelingenzaak ongegrond verklaard

In deze bestuursrechtelijke vreemdelingenzaak heeft opposant verzet ingesteld tegen de uitspraak van 6 mei 2021, waarin het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening. Opposant betoogde dat de te late ontvangst van het beroepschrift niet voor zijn risico kwam en dat de termijn onjuist werd berekend vanaf de bekendmaking van de uitspraak.

Opposant voerde aan dat de lange verzendtijd naar Nederland, mede veroorzaakt door de COVID-19-pandemie en de daaruit voortvloeiende crisis, gezondheid en financiële chaos, de vertraging verklaart. Tevens verzocht opposant om vervanging van visa voor alle gezinsleden.

De rechtbank oordeelde dat het voorbeeld van de verzendtijd onvoldoende verklaart waarom het beroepschrift meer dan een maand te laat werd ontvangen. De stelling van ernstige crisis en chaos werd onvoldoende onderbouwd. Daarom bleef het oordeel van 6 mei 2021 in stand en werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en hoger beroep is niet mogelijk.

Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummer: AWB 20/4371
v-nummer: [Nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak

[Naam], opposant

Procesverloop

Bij uitspraak van 6 mei 2021 heeft de rechtbank het door opposant ingestelde beroep tegen het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard.
Opposant heeft verzet ingesteld tegen deze uitspraak..
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Opposant voert aan dat het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard. De rechtbank heeft onterecht geoordeeld dat de te late ontvangst van het beroepschrift voor risico komt van opposant. Verder heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat de termijn voor het instellen van beroep begint te lopen op de dag van bekendmaking van de uitspraak.
2. Opposant heeft in verzet de lange verzendtijd naar Nederland toegelicht met een voorbeeld van de verzending van de uitspraak van 6 mei 2021. De uitspraak zou zijn verstuurd op 7 mei 2021 en pas ontvangen op 26 mei 2021. Daarbij moet er rekening worden gehouden met de ernstige crisis, gezondheid en financiële chaos wegens de COVID-19 pandemie. Verder vraagt opposant in verzet om vervanging van visa toe te kennen aan alle gezinsleden.
3. De rechtbank is van oordeel dat het voorbeeld van de lange verzendtijd niet verklaart waarom de beroepsgronden meer dan een maand te laat zijn ontvangen. De stelling dat er sprake zou zijn van ernstige crisis, gezondheid en financiële chaos is niet verder onderbouwd en dus onvoldoende om anders te oordelen.
4. De rechtbank ziet geen aanleiding anders te oordelen dan in de uitspraak van 6 mei 2021. Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat de buiten-zittinguitspraak in stand blijft.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. S.C. Spruijt, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
de griffier is niet in staat deze
uitspraak mee te ondertekenen
Afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.