Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
.De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 15 januari 2021 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris verklaarde deze aanvraag op 9 augustus 2021 niet-ontvankelijk, omdat de Filipijnen als veilig derde land werden aangemerkt. Eiser maakte hiertegen bezwaar en de rechtbank behandelde de zaak op 6 september 2021.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende onderzoek had verricht naar de situatie in de Filipijnen en dit niet inzichtelijk had gemaakt in het besluit. Verweerder erkende dit gebrek in de motivering tijdens de zitting. Daarnaast had verweerder de persoonlijke omstandigheden van eiser, zoals de situatie met zijn echtgenote die niet mee wil terugkeren naar de Filipijnen, onvoldoende betrokken bij de redelijkheidstoets.
De rechtbank vond het standpunt van verweerder dat eiser en zijn echtgenote samen terug zouden moeten reizen naar de Filipijnen onvoldoende gemotiveerd en vergezocht. Er waren geen andere aanwijzingen dat eiser een zodanige band met de Filipijnen heeft dat terugkeer redelijk is. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen vier weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid wordt vernietigd met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.