ECLI:NL:RBDHA:2021:12376
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsrecht bij Nederlandse dochter wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiser, een Ghanese nationaliteit bezittende man, verzocht om een verblijfsdocument op grond van artikel 20 VWEU Pro en het arrest Chavez-Vilchez, omdat hij bij zijn Nederlandse dochter wil verblijven. Na eerdere afwijzing van zijn aanvraag en bezwaar, diende hij een herhaalde aanvraag in met aanvullende stukken zoals foto's, verklaringen en WhatsApp-berichten.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat niet was gebleken dat eiser meer dan marginale zorg- en opvoedtaken voor het kind verrichtte, noch dat het kind zonder eiser Nederland niet kan verblijven. De rechtbank oordeelde dat de overgelegde stukken geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatten die aanleiding geven tot heroverweging.
De rechtbank stelde dat de belangen van het kind voldoende zijn betrokken en dat verweerder niet gehouden was tot nader onderzoek. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kon binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde aanvraag verblijfsrecht wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.