ECLI:NL:RBDHA:2021:11805
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen overdracht op grond van Dublinverordening
Verzoeker heeft op 26 augustus 2021 een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Denemarken verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 20 oktober 2021 samen met meerdere soortgelijke zaken. Gezien de spoedeisendheid vanwege de naderende overdrachtstermijn van 26 oktober 2021 besloot de rechtbank om het verzoek om voorlopige voorziening toe te wijzen.
De voorzieningenrechter schorst het bestreden besluit en bepaalt dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan Denemarken totdat op het beroep is beslist. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en de overdracht aan Denemarken wordt geschorst totdat op het beroep is beslist.