Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser, geboren op [geboortedag] 2011,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 23 juni 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond, ambtshalve geweigerd een reguliere verblijfsvergunning voor bepaalde tijd aan eiser te verstrekken en evenmin uitstel van vertrek aan eiser verleend. Het bestreden besluit geldt niet als terugkeerbesluit.
[pleegmoeder] (pleegmoeder), [jeugdbeschermer] (jeugdbeschermer Nidos) en [intern begeleider] (intern begeleider Borgloschool). Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
Artikel 3.6a, eerste lid, aanhef en onder b, van het Vb 2000
Artikel 3.6a, eerste lid, aanhef en onder a, van het Vb 2000
Artikel 3.6ba van het Vb 2000
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat verweerder een nieuw besluit neemt met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak is overwogen;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.496,00.
H.J. Renders, griffier.