Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 1 december 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.
Overwegingen
Nigerian Observervan 26 februari 2015 en 10 april 2019 overgelegd en een bericht van de website van de Nigeriaanse politie [1] van 26 juni 2020. Ook heeft hij foto’s overgelegd en screenshots van WhatsApp-berichten.
Nigerian Observeren het politiebericht heeft verweerder overwogen dat deze niet zelfstandig kunnen dienen als onderbouwing van zijn gestelde problemen. Daarbij wordt ook getwijfeld aan de inhoudelijke juistheid van de artikelen. Onderzoek heeft uitgewezen dat het bericht van de Nigeriaanse politie niet afkomstig is van de werkelijke Nigeriaanse politie. De door eiser overgelegde foto’s kunnen evenmin dienen ter onderbouwing van de gestelde problemen, nu niet kan worden vastgesteld of [naam2] of het huis van de vader van eiser hierop staat afgebeeld. Over de screenshots met bedreigingen heeft verweerder overwogen dat niet duidelijk is van welke telefoon deze afkomstig zijn en door wie deze zijn verzonden.
Nigerian Observerniet kunnen dienen ter ondersteuning van zijn relaas.
Nigerian Observervan 10 april 2019 met daarin het artikel is onderzocht door Bureau Documenten. Hoewel Bureau Documenten heeft geconcludeerd dat de krant met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid echt is, kan niet worden vastgesteld of het artikel inhoudelijk juist is. [15] Bureau Documenten heeft daarbij opgemerkt dat het in grote delen van Afrika, waaronder Nigeria, tamelijk gebruikelijk is dat journalisten zich laten betalen om bepaalde informatie te publiceren. Met verwijzing naar het onderzoek van Bureau Documenten heeft verweerder in het bestreden besluit deugdelijk gemotiveerd waarom in het geval van eiser niet zonder meer kan worden uitgegaan van de juistheid van de artikelen. Verweerder heeft terecht verwezen naar pagina 32 van het algemeen ambtsbericht [16] waarin staat dat ‘veel journalisten worden betaald artikelen te schrijven waarvan de inhoud vooral wordt bepaald door de opdrachtgever. Omdat journalisten vaak worden onderbetaald, is de verleiding vaak groot mee te doen aan dergelijke praktijken.’ De stelling van eiser in beroep dat bij de totstandkoming van het algemeen ambtsbericht de
Nigerian Observerook als openbare bron wordt gezien, betekent niet dat van de juistheid van de artikelen moet worden uitgegaan. Verweerder heeft toegelicht dat het ambtsbericht op veel meer bronnen is gebaseerd en dat slechts één keer gebruik is gemaakt van de krant als geraadpleegde openbare bron. Het door eiser overgelegde artikel van EASO [17] , waaruit volgt dat de krant niet in verband is gebracht met ‘brown envelope journalism’ betekent niet dat hiervan in het geval van de artikelen over eiser geen sprake kan zijn. Verweerder heeft verder in zijn beoordeling kunnen betrekken dat het opmerkelijk is dat de krant vijf jaar na de gestelde betrapping en vier jaar na de eerste publicatie opnieuw is uitgebracht. Verweerder heeft gelet op het voorgenoemde geen aanleiding hoeven zien om de artikelen te laten onderzoeken door Team Onderzoek en Expertise Land en Taal (TOELT). Van strijd met de werkinstructie 2020/17 is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake.
Beslissing
www.rechtspraak.nl.