ECLI:NL:RBDHA:2021:11319
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens niet-ontvankelijkheid
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 11 juni 2021 als kennelijk ongegrond is afgewezen. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het beroep van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hierdoor kon het verzoek om een voorlopige voorziening niet worden toegewezen en is dit afgewezen.
Er is geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het beroep.