Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres en verzoekster] , eiseres en verzoekster (hierna: eiseres), V-nummer [V-nummer 1]
[kind]
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor zichzelf en haar minderjarige zoon. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees haar aanvraag af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod van twee jaar op. Eiseres voerde aan dat haar verklaringen over het doodschieten van een militair en de daaropvolgende problemen ten onrechte als vaag en ongerijmd waren bestempeld en dat het gebruik van aliassen onterecht werd aangevoerd.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris de identiteit en nationaliteit van eiseres niet volledig kon vaststellen vanwege het ontbreken van documenten en het gebruik van aliassen. De verklaringen van eiseres over het incident met de militair waren onvoldoende gedetailleerd en vertoonden tegenstrijdigheden, zoals het ontbreken van belangrijke details en ongerijmde vluchtgedragingen. Tevens waren haar verklaringen over haar familie en de gedwongen prostitutie en drugshandel niet geloofwaardig.
Daarnaast had eiseres geen documenten overgelegd ter onderbouwing van haar asielrelaas, ondanks voldoende tijd om deze te verkrijgen. De rechtbank volgt het standpunt dat het gebruik van verschillende persoonsnamen twijfel zaait over haar identiteit. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.