Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 september 2020 in de zaken tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
“ 2.1 Rechtsvorm
is tot medio 2012 in loondienst werkzaam geweest bij[B]
. Met betrekking tot de activiteiten vanuit[F]
in 2011 en 2012 heeft [eiser] ruim 98% van de verantwoorde omzet gefactureerd aan[B]
. Vanaf 2013 tot en met 2015 is er uitsluitend omzet verantwoord van[C]
. Gezien de grootte van de omzet, 1 opdrachtgever en minimale bedrijfsmiddelen ben ik van mening dat het resultaat als ‘resultaat uit overige werkzaamheid’ moeten worden en niet als winst uit onderneming.