ECLI:NL:RBDHA:2020:9391
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening verblijfsvergunning na afwijzing bezwaar
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen. Hiertegen maakte verzoeker bezwaar. Tijdens het bezwaarproces verzocht verzoeker om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden gevraagd zolang bezwaar of beroep aanhangig is (connexiteitsvereiste). Inmiddels is het bezwaar ongegrond verklaard en heeft verzoeker geen beroep ingesteld. Hierdoor ontbreekt de vereiste connexiteit voor het verzoek om voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van connexiteit. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en er is geen rechtsmiddel tegen deze uitspraak mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van connexiteit na afwijzing van het bezwaar en het uitblijven van beroep.