Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 22 april 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Overwegingen
[geboortedatum] .
Verweerder heeft hem dan ook ten onrechte geen vergunning op grond van artikel 8 EVRM Pro verleend en heeft hem ten onrechte een inreisverbod opgelegd van twee jaar, aldus eiser.