ECLI:NL:RBDHA:2020:8050
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring beroep verblijfsvergunning asiel wegens vertrek met onbekende bestemming
Eisers, bestaande uit een moeder en haar minderjarige kind, hadden een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen, waartegen eisers beroep instelden.
Tijdens de zitting, die via Skype plaatsvond op 29 juni 2020, waren eisers niet aanwezig. De gemachtigde van verweerder was wel aanwezig. Verweerder overhandigde een stuk waaruit bleek dat eisers op 19 februari 2020 met onbekende bestemming uit Nederland waren vertrokken.
De rechtbank oordeelde dat door het vertrek met onbekende bestemming eisers geen belang meer hadden bij de behandeling van het beroep, tenzij zij contact hielden met hun gemachtigde over de procedure, wat niet was gebleken. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees zij proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd mondeling gegeven en is bekendgemaakt op 2 september 2020.
Uitkomst: Het beroep van eisers wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vertrek met onbekende bestemming en gebrek aan procesbelang.