ECLI:NL:RBDHA:2020:7971

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 juli 2020
Publicatiedatum
20 augustus 2020
Zaaknummer
NL20.12862
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na beslissing op beroep

Verzoeker, een Afghaanse asielzoeker, heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Deze aanvraag is door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 19 juni 2020. Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de rechtbank.

Tegelijkertijd met de behandeling van het beroep heeft verzoeker een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend om het bestreden besluit tijdelijk te schorsen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld tijdens een zitting op 8 juli 2020, waarbij ook de zaak NL20.12861 werd behandeld.

De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegekend indien de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Omdat op dezelfde dag als deze uitspraak al een beslissing is genomen op het beroep, is een voorlopige voorziening niet meer mogelijk en wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.J. Catsburg en griffier A.E. van Gestel, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank al op het beroep heeft beslist.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL20.12862
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], geboren op [1995] , met de Afghaanse nationaliteit, verzoeker
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. A.H. Hekman), en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. H.J. Metselaar).

Procesverloop

Bij besluit van 19 juni 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.12861, plaatsgevonden op 8 juli 2020. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen S.M. Razaghi. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.12861, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.E. van Gestel, griffier.
Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
17 juli 2020

Documentcode: [documencode]

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.