ECLI:NL:RBDHA:2020:7966
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg wegens ernstig nadeel en complexe psychische stoornis
De rechtbank Den Haag behandelde op 4 augustus 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1991. Betrokkene lijdt aan een complexe multiple type II traumatisering met autistiforme persoonlijkheidsstructuur en dissociatieve episoden, die leiden tot ernstig nadeel voor haarzelf en haar vijfjarige dochter.
Hoewel betrokkene stelde dat zij stappen in de goede richting heeft gezet en een steunend netwerk heeft opgebouwd, concludeerde de psychiater dat het ernstig nadeel nog actueel is. Dit bleek onder meer uit een recente poging van betrokkene om voor een vrachtwagen te springen na een intensief gesprek met hulpverleners. Vrijwillige ambulante zorg bleek op dit moment niet haalbaar, waardoor verplichte zorg noodzakelijk is.
De rechtbank achtte de voorgestelde vormen van verplichte zorg, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting en toezicht, noodzakelijk en evenredig om het ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van drie maanden, tot en met 16 oktober 2020.
De behandeling vond telefonisch plaats vanwege COVID-19 maatregelen. De rechtbank wees het verzoek tot meer of andere zorg af en bevestigde dat de officier van justitie ontvankelijk is ondanks overschrijding van de beslistermijn. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor drie maanden wegens actueel ernstig nadeel en complexe psychische stoornis.