ECLI:NL:RBDHA:2020:7778
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling met schone lei ondanks Europees betalingsbevel
De rechtbank Den Haag heeft op 5 augustus 2020 uitspraak gedaan over het verzoek tot beëindiging van de wettelijke schuldsaneringsregeling van een schuldenaar die sinds 11 april 2019 onder deze regeling viel. De bewindvoerder verzocht op 10 juni 2020 om beëindiging van de regeling op grond van artikel 354a van de Faillissementswet, omdat redelijkerwijs niet verwacht kon worden dat voortzetting gerechtvaardigd was.
Schuldeisers voerden verweer, stellende dat een Europees betalingsbevel uit 2017 de verkorting van de regeling en verlening van de schone lei in de weg stond. Tevens werd het beginsel van hoor en wederhoor betwist vanwege het ontbreken van bepaalde stukken. De rechtbank oordeelde dat het betalingsbevel de beëindiging niet verhindert en dat het hoor en wederhoor-beginsel niet was geschonden, omdat de bewindvoerder haar verzoek toelichtte en schuldeisers konden reageren.
Verder stelde de rechtbank vast dat schuldenaar was vrijgesteld van sollicitatieplicht wegens ernstige gezondheidsklachten en dat er geen aflossingscapaciteit was. Ook was geen sprake van omstandigheden die voortzetting van de regeling zouden rechtvaardigen. De schuldsaneringsregeling werd daarom beëindigd met verlening van de schone lei. De vergoeding van de bewindvoerder werd vastgesteld op € 2.188,40.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling met verlening van de schone lei en stelt de vergoeding van de bewindvoerder vast.