ECLI:NL:RBDHA:2020:7612
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag vanwege Dublin-verantwoordelijkheid Roemenië
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 11 april 2020 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Roemenië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublin-verordening, wat Roemenië ook bevestigde door het terugnameverzoek te accepteren.
Eiser voerde aan dat het besluit onzorgvuldig was en dat hij niet naar Roemenië kon worden teruggestuurd vanwege psychische problemen, eerdere mishandeling en uitzetting, en het risico op indirect refoulement. Hij stelde ook dat medische behandeling in Roemenië niet mogelijk zou zijn en vroeg om aanvullend onderzoek en hoorzitting.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is. Zijn psychische problemen werden pas in beroep genoemd, en er was geen bewijs dat Roemenië zijn internationale verplichtingen niet nakomt. De medische klachten waren onvoldoende onderbouwd om overdracht te weigeren, en het arrest Tarakhel was niet relevant voor Roemenië.
De rechtbank zag geen aanleiding om het beroep aan te houden en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.