ECLI:NL:RBDHA:2020:7588
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod wegens onrechtmatig verblijf afgewezen
Eiser, een Albanese nationaliteit, verbleef onrechtmatig in Nederland en kreeg een terugkeerbesluit met een inreisverbod van twee jaar opgelegd. Hij stelde in beroep dat hij familie in de Europese Unie heeft met wie hij een familieleven onderhoudt, maar kon dit niet onderbouwen.
De rechtbank overwoog dat verweerder op grond van de Vreemdelingenwet 2000 verplicht was het terugkeerbesluit en het inreisverbod op te leggen. Het enige punt van discussie was of om humanitaire of andere redenen van het inreisverbod afgezien had moeten worden of de duur ervan verkort.
Eiser gaf aan neven in Engeland en Italië te hebben, maar onderhield geen contact met hen en er was geen sprake van een afhankelijkheidsrelatie of belemmering voor familie om hem in Albanië te bezoeken. De rechtbank vond geen aanleiding om het besluit te wijzigen en verklaarde het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter D. Biever op 10 augustus 2020 en kan binnen vier weken worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.