ECLI:NL:RBDHA:2020:7447
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij bipolaire stoornis
De rechtbank Den Haag heeft op 17 juli 2020 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1955, die lijdt aan een bipolaire I stoornis met manische episodes. De officier van justitie had verzocht om deze machtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro. Uit medische verklaringen, een zorgplan en adviezen van de geneesheer-directeur bleek dat betrokkene meerdere malen in het gedwongen kader was opgenomen en dat vrijwillige zorg niet voldoende was gebleken.
Tijdens de zitting werd toegelicht dat betrokkene aanvankelijk niet meewerkte, maar nu een pril begin van samenwerking vertoont. De psychiater en waarnemend psychiater gaven aan dat een vrijwillige behandeling nog te vroeg is en dat verplichte zorg noodzakelijk blijft om terugval en verdere achteruitgang te voorkomen. Betrokkene zelf zag de noodzaak niet in en gaf aan afspraken met haar behandelaar te willen voortzetten.
De rechtbank overwoog dat het ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel, psychische schade en maatschappelijke teloorgang, alleen kan worden afgewend door verplichte zorg. De noodzakelijke zorgvormen omvatten medicatietoediening, medische controles, beperking van bewegingsvrijheid, insluiting en toezicht. Gezien de voorgeschiedenis en het prille herstel achtte de rechtbank verplichte zorg proportioneel en effectief.
De zorgmachtiging geldt tot en met 9 januari 2021 en omvat alle in artikel 3:2 Wvggz Pro genoemde zorgvormen. Het verzoek om meer of andere zorgvormen werd afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg aan betrokkene tot en met 9 januari 2021.