ECLI:NL:RBDHA:2020:7280

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
3 augustus 2020
Publicatiedatum
3 augustus 2020
Zaaknummer
AWB - 20 _ 4348
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Besluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na herroeping ongeldigverklaring rijbewijs

Verzoeker heeft bij de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen om zijn rijbewijs ongeldig te verklaren. Nadat verzoeker bezwaar had gemaakt, heeft verweerder het bezwaar gegrond verklaard en het besluit herroepen. Verzoeker heeft daarop het verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.

De voorzieningenrechter overweegt dat nu het besluit is herroepen, verweerder daarmee tegemoet is gekomen aan het verzoek van verzoeker. Het verzoek om proceskostenvergoeding is daarom kennelijk gegrond. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die verzoeker heeft gemaakt, vastgesteld op €525,00, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €178,00.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter G.P. Kleijn op 3 augustus 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.

Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €525,00 en het griffierecht van €178,00 aan verzoeker.

Uitspraak

Rechtbank DEN Haag

Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 20/4348

uitspraak van de voorzieningenrechter van 3 augustus 2020 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [plaats] , Spanje, verzoeker

(gemachtigde: mr. G.J. van Oosten),
en
de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, verweerder.

Procesverloop

Bij brief van 26 juni 2020 heeft verzoeker zich tot de voorzieningenrechter gewend met een verzoek om een voorlopige voorziening ten aanzien van het besluit van verweerder van
4 mei 2020, waarbij het rijbewijs van verzoeker ongeldig wordt verklaard.
Tegen dit besluit heeft verzoeker een bezwaarschrift bij verweerder ingediend.
Bij besluit van 6 juli 2020 heeft verweerder het bezwaar gegrond verklaard en de ongeldigverklaring herroepen. Daarbij heeft verweerder aangegeven bereid te zijn de kosten voor de behandeling van het bezwaar te vergoeden.
Naar aanleiding van dit besluit heeft verzoeker het verzoek om een voorlopige voorziening bij brief van 8 juli 2020 ingetrokken. Tevens heeft verzoeker verzocht verweerder in de proceskosten te veroordelen.
Bij brief van 8 juli 2020 is verweerder in de gelegenheid gesteld te reageren op laatstgenoemd verzoek. Verweerder heeft op deze brief niet gereageerd.

Overwegingen

1. Nu de ongeldigverklaring is herroepen is verweerder is verweerder daarmee ook tegemoetgekomen aan het verzoek Verzoeker heeft om die reden het verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken. Het verzoek om vergoeding van de proceskosten is dus kennelijk gegrond.
2 De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 525,00 (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift, en wegingsfactor 1).
3 Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, bepaalt de voorzieningenrechter dat verweerder aan verzoeker het door hem betaalde griffierecht vergoedt.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de rechtbank
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding toe;
- veroordeelt verweerder in de kosten van de onderhavige procedure, aan de zijde van verzoeker begroot op € 525,00;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,00 aan verzoeker te vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Kleijn, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A. Badermann. griffier, op 3 augustus 2020. Als gevolg van de maatregelen rondom het Corona virus is deze beslissing niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Dat zal op een later moment alsnog gebeuren. Deze uitspraak wordt zo snel mogelijk gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan geen hoger beroep worden ingesteld.