ECLI:NL:RBDHA:2020:6742
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofrenie
De rechtbank Den Haag heeft op 14 juli 2020 een beschikking gegeven inzake een verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene, geboren in 1989 en lijdend aan schizofreniespectrum- en persoonlijkheidsstoornissen, vertoonde ernstig nadeel door zijn psychische toestand.
De officier van justitie verzocht om verplichte zorg, ondersteund door medische verklaringen, een zorgplan en een beoordeling van de geneesheer-directeur. Tijdens de mondelinge behandeling, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19 maatregelen, gaf betrokkene aan zich beter te voelen en medicatie te gebruiken die hij zelf koos. De psychiater stelde echter dat betrokkene ambivalent is, medicatie slechts in minimale dosis accepteert en dat er incidenten op de afdeling waren.
De rechtbank concludeerde dat vrijwillige zorg niet mogelijk is en dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. De machtiging omvat onder meer medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, insluiting en opname in een accommodatie. De machtiging geldt voor vier maanden, met het oog op het perspectief van betrokkene en zijn jonge leeftijd.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg voor de duur van vier maanden.