ECLI:NL:RBDHA:2020:6719
Rechtbank Den Haag
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen overplaatsing naar Spanje in Dublin-procedure
Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd om te voorkomen dat zij aan Spanje worden overgedragen in het kader van de Dublin-verordening, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de asielaanvragen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek afgewezen omdat in de hoofdzaak al een uitspraak is gedaan, waardoor een voorlopige voorziening niet meer mogelijk is.
De zitting vond plaats op 14 juli 2020 te Haarlem, waarbij verzoekers en hun gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van verweerder. De rechtbank heeft verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan verzoekers wegens een geconstateerd gebrek in de procedure.
De proceskosten zijn vastgesteld op €1.050,-, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de beroepsmatige rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.J. van Keken en griffier drs. M.A.J. Arts. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen overplaatsing naar Spanje wordt afgewezen.