ECLI:NL:RBDHA:2020:5886
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens niet tijdig ingediend bezwaarschrift identiteitsbewijs
Eiser, van Burudese nationaliteit, diende een aanvraag in voor een identiteitsbewijs type W of W2, welke op 1 november 2019 door verweerder werd afgewezen. Eiser maakte op 3 december 2019 bezwaar, maar dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn van vier weken zoals bepaald in artikel 69, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar niet tijdig is ingediend en dat de overschrijding van de termijn niet verschoonbaar is, ondanks dat eiser zich tijdig tot Vluchtelingenwerk Nederland (VWN) had gewend. Het feit dat het bezwaar slechts één dag te laat was, verandert hieraan niets. Het beroep van eiser wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard.
Verder wordt het verzoek van eiser om vrijstelling van griffierechten gehonoreerd op grond van betalingsonmacht, ondersteund door een verklaring van afwezigheid van inkomen en vermogen. De uitspraak is gedaan zonder zitting en zal, indien mogelijk, later alsnog openbaar worden uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige indiening van het bezwaarschrift en niet verschoonbare termijnoverschrijding.