ECLI:NL:RBDHA:2020:4859
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV tot vergoeding proceskosten na intrekking beroep WIA-uitkering
Eiser ontving een WIA-uitkering op grond van de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen. Na een bezwaarprocedure heeft het UWV het primaire besluit herzien en de uitkering beëindigd. Eiser stelde beroep in tegen dit bestreden besluit. De rechtbank benoemde een deskundige die rapporteerde over de arbeidsongeschiktheid van eiser. Vervolgens herzag het UWV het bestreden besluit en kende eiser een IVA-uitkering toe.
Eiser trok daarop het beroep in en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten. De rechtbank stelde vast dat het UWV aan eiser was tegemoetgekomen zoals bedoeld in artikel 8:75a van de Awb. Daarom veroordeelde de rechtbank het UWV tot betaling van proceskosten ad € 525,- en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 46,-.
De uitspraak werd gedaan door rechter O.M. Harms op 2 juni 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Partijen kunnen binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 525,- en het griffierecht van € 46,- aan eiser.