ECLI:NL:RBDHA:2020:465
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Sri Lankaanse vreemdeling wegens ongeloofwaardig asielrelaas
Eiser, een Sri Lankaanse nationaliteit dragende vreemdeling, diende een opvolgende asielaanvraag in na eerdere afwijzing en intrekking van beroep. Hij stelde dat hij gevaar liep vanwege betrokkenheid bij een moord op zijn voormalige baas en daaropvolgende bedreigingen.
De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond wegens ongeloofwaardigheid van het asielrelaas, mede omdat de verklaringen van eiser tegenstrijdigheden bevatten en onvoldoende bewijs werd geleverd, waaronder het niet nader onderzoeken van een op de telefoon van eiser aanwezig filmpje.
De rechtbank oordeelde dat het asielrelaas onvoldoende aannemelijk was gemaakt, dat de discrepanties in verklaringen en aangifte de geloofwaardigheid ondermijnden, en dat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus of bescherming op grond van het EVRM. Het beroep werd ongegrond verklaard en een inreisverbod van twee jaar bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en het inreisverbod van twee jaar bevestigd.