ECLI:NL:RBDHA:2020:4074
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Oostenrijk volgens Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen, omdat Oostenrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag op grond van de Dublinverordening.
Eiser betoogt dat het besluit motiveringsgebreken bevat en dat verweerder onzorgvuldig is geweest door geen justitiële documentatie over zijn detentie te overleggen. Ook stelt hij dat de overdracht aan Oostenrijk vanwege de coronacrisis niet mogelijk is, zodat het besluit niet als overdrachtsbesluit kan gelden.
De rechtbank oordeelt dat de vermelding van een vertrek met onbekende bestemming niet relevant is voor het besluit en dat het ontbreken van justitiële documentatie niet leidt tot het in behandeling nemen van de aanvraag. Tevens is onvoldoende gebleken dat de overdrachtstermijn wordt overschreden. De tijdelijke belemmering door de coronacrisis doet niets af aan de rechtmatigheid van het besluit.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk ongegrond en wijst het af. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt kennelijk ongegrond verklaard.