ECLI:NL:RBDHA:2020:3884
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.
De rechtbank oordeelt dat de eventuele persoonlijke band van eiser met Frankrijk of Nederland niet relevant is voor de toepassing van de Dublinverordening. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij een sterkere band met Nederland heeft dan met Frankrijk.
Ook de huidige verspreiding van het coronavirus in Frankrijk leidt niet tot een wijziging van de verantwoordelijkheid. De tijdelijke belemmering om eiser over te dragen aan Frankrijk doet niets af aan de rechtmatigheid van het besluit.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk ongegrond en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.