ECLI:NL:RBDHA:2020:318
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vervallen verklaring bezoldiging wegens weigering arbeidsdeskundig onderzoek
Eiser, sinds 1980 in dienst bij de politie, werd arbeidsongeschikt verklaard voor zijn functie na een verkeersongeval en kreeg een administratieve functie toegewezen. Na een belastbaarheidsadvies en een medisch onderzoek door een commissie van drie artsen, werd eiser opgeroepen voor een arbeidsdeskundig onderzoek. Eiser weigerde echter zonder deugdelijke grond mee te werken aan dit onderzoek, onder meer omdat hij eerst een geneeskundig onderzoek wilde laten uitvoeren en zijn advocaat wilde raadplegen.
Verweerder stelde dat de oproep tot het arbeidsdeskundig onderzoek een redelijk voorschrift was en dat de weigering van eiser om mee te werken een geldige grond was om zijn bezoldiging te laten vervallen op grond van artikel 44, eerste lid, van het Besluit bezoldiging politie (Bbp). De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het salaris stopzette vanaf 7 september 2017, omdat eiser zonder geldige reden niet verscheen en voldoende was gewaarschuwd.
De rechtbank verwierp het beroep van eiser, die stelde dat de oproep onduidelijk was en dat hij een deugdelijke grond had voor zijn weigering. Ook het feit dat verweerder later uit coulance een geneeskundig onderzoek startte, leidde niet tot een ander oordeel. Er was geen aanleiding voor schadevergoeding. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot vervallen verklaring van de bezoldiging blijft in stand.