Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
mr. C. Offers en van hetgeen door verdachte en zijn raadsman mr. J.P. Plasman naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 26 juni 2019 te ‘s-Gravenhage aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een gebroken kaak en/of “impressiefractuur links ocipitaal” (breuk in de schedel) heeft toegebracht door met kracht met een moersleutel, althans met gereedschap, als met een hard voorwerp, meermalen op/tegen het hoofd van die [slachtoffer] te slaan.
3.Bewijsoverwegingen
de rechtbank begrijpt: de verdachte)te herkennen. Op zeker moment zag zij hem ook. Aangeefster stond korte tijd stil voor de slagboom om verder het parkeerterrein op te kunnen rijden en merkte toen dat een ruit van haar auto stuk ging. Het volgende moment werd zij wakker in het ziekenhuis. [2]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
€ 12.500,-- aan immateriële schade.
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
5 (vijf) jaren;
€ 11.667,70, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 26 juni 2019 tot aan de dag van de algehele voldoening, ten behoeve van [slachtoffer] ;