ECLI:NL:RBDHA:2020:15298

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
30 november 2020
Publicatiedatum
3 januari 2022
Zaaknummer
NL20.19164
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure

De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af te wijzen als kennelijk ongegrond.

Het onderzoek vond plaats op 17 november 2020, waarbij verzoeker en verweerder zich lieten vertegenwoordigen. De voorzieningenrechter overwoog dat gezien de uitspraak in een gerelateerde zaak (NL20.19163) een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.

Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 30 november 2020 en is onherroepelijk omdat tegen deze uitspraak geen rechtsmiddel openstaat.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt afgewezen.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.19164

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. H. Meijerink),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. K. Bruin).

Procesverloop

Bij besluit van 2 november 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.19163, plaatsgevonden op 17 november 2020. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Verzoeker stelt van Tunesische nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [1986].
2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.19163, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

zaaknummer: NL20.19164 2
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.M. Reijnierse, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. L.M. Janssens-Kleijn, griffier.
zaaknummer: NL20.19164 3
De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op:
30 november 2020
en zal openbaar worden gemaakt door pu
blicatie
op rechtspraak.nl.
Mr. L.M. Reijnierse
Rechter
Rechtbank Midden-Nederland
L.M. Janssens - Kleijn
Griffier
Rechtbank Midden-Nederland

Documentcode: [Documentcode]

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.