ECLI:NL:RBDHA:2020:15233
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen weigering asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser stelde dat bijzondere omstandigheden, waaronder mishandeling door de politie in Duitsland, slechte opvang en psychische klachten, toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening vereisten.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat dit in zijn geval niet opgaat. De overgelegde rapporten tonen geen structurele tekortkomingen in het Duitse asielsysteem. Eiser heeft geen bewijs geleverd van mishandeling of ontoereikende medische zorg in Duitsland.
De rechtbank concludeert dat de omstandigheden niet zodanig zijn dat overdracht naar Duitsland onevenredige hardheid oplevert. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.