ECLI:NL:RBDHA:2020:14990
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag EU-verblijfsdocument wegens onvoldoende zorg- en opvoedingstaken en afhankelijkheidsrelatie
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit dragende vreemdeling, verzocht om een EU-verblijfsdocument op basis van het arrest Chavez-Vilchez, stellende dat hij zorg- en opvoedingstaken voor zijn in Nederland verblijvende dochter verricht en dat er een zodanige afhankelijkheidsrelatie bestaat dat zijn dochter de EU zou moeten verlaten als zijn verblijf geweigerd wordt.
Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende bewijs van deze zorg- en opvoedingstaken en afhankelijkheidsrelatie, mede vanwege het feit dat eiser en zijn dochter niet samenwonen en op circa 100 kilometer afstand van elkaar verblijven. De rechtbank bevestigde dit standpunt, oordelend dat de overgelegde bankafschriften, verklaringen en foto’s onvoldoende concreet bewijs vormden.
Eiser voerde aan dat verweerder hem het bewijs onnodig moeilijk maakte en dat hij ten onrechte niet is gehoord tijdens de bezwaarprocedure. De rechtbank oordeelde dat verweerder geen onderzoeksplicht had omdat eiser niet had aangetoond dat hij de dagelijkse zorg verrichtte en dat het bezwaar kennelijk ongegrond was, zodat horen niet verplicht was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het EU-verblijfsdocument is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.