ECLI:NL:RBDHA:2020:14744
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Roemenië
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, omdat Roemenië als verantwoordelijke lidstaat is aangewezen. Uit Eurodacgegevens blijkt dat eiser op 7 december 2019 in Roemenië een verzoek om internationale bescherming heeft ingediend, waarna hij in Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland asiel heeft gevraagd. Roemenië heeft ingestemd met terugname van eiser en verklaard dat de eerdere aanvraag definitief is afgewezen.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht heeft geconcludeerd dat Roemenië verantwoordelijk is en dat de claimaanvaarding van Roemenië de stelling van eiser dat Zwitserland de verantwoordelijkheid zou hebben, onvoldoende onderbouwt. De eerdere foutieve claim bij Zwitserland doet hieraan niet af, aangezien eiser onder een alias in Roemenië zijn eerste aanvraag heeft gedaan.
Verder is geoordeeld dat de overdracht aan Roemenië niet in strijd is met artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. De bezwaren van eiser zijn door verweerder gemotiveerd weerlegd, terwijl eiser deze niet concreet heeft onderbouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.