ECLI:NL:RBDHA:2020:14635
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning van gedeeltelijke proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens niet tijdig besluit
Verzoeker is in beroep gegaan tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat deze niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Nadat verzoeker het beroep had ingesteld, nam verweerder alsnog een beslissing. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht de rechtbank om de proceskosten te vergoeden.
De rechtbank besloot geen zitting te houden omdat dit niet noodzakelijk was en baseerde zich op de artikelen 8:54, 8:75 en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit proceskosten bestuursrecht. Omdat verweerder pas na het instellen van het beroep een besluit nam, moet hij de proceskosten van verzoeker vergoeden.
Gezien het inschakelen van een professionele juridische hulpverlener en het beperkte onderwerp van het beroep, werd een vergoeding toegekend van €262,50, zijnde de helft van het standaardbedrag volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. De rechtbank veroordeelde verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €262,50 aan proceskosten aan verzoeker.