Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Inleiding
Het oordeel van de rechtbank
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is in vreemdelingenbewaring gesteld met het oog op overdracht aan Zwitserland, de verantwoordelijke lidstaat volgens de Dublinverordening. Verweerder heeft de bewaring opgeheven bij overdracht op 9 september 2020. Eiser betwistte de rechtmatigheid van de bewaring en stelde beroep in, tevens verzocht hij om schadevergoeding.
De rechtbank beoordeelde of er voldoende gronden waren voor de bewaring. Verweerder stelde dat er een significant risico bestond dat eiser zich aan het toezicht zou onttrekken, onderbouwd met zware gronden zoals het ontbreken van geldige reisdocumenten en het niet meewerken aan overdracht na een ongegrond verklaard beroep tegen het overdrachtsbesluit.
De rechtbank vond dat deze gronden feitelijk juist en voldoende waren om de bewaring te dragen. Eiser kon geen geldig paspoort tonen en had verklaard geen paspoort bij zich te hebben toen hij Marokko verliet. Ook had hij niet vrijwillig Nederland verlaten na afwijzing van zijn beroep en was hij niet verschenen bij het vertrekgesprek.
De lichte gronden werden ook genoemd, maar deze waren niet doorslaggevend. De rechtbank concludeerde dat de bewaring rechtmatig was, wees het beroep af en kende geen schadevergoeding toe. Verweerder hoefde de proceskosten van eiser niet te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.