ECLI:NL:RBDHA:2020:14481

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
29 oktober 2020
Publicatiedatum
18 maart 2021
Zaaknummer
NL20.9686
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Verordening (EU) nr. 604/2013artikel 17 Dublinverordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Spanje op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.

De rechtbank overweegt dat het niet in geschil is dat Spanje de verantwoordelijke lidstaat is. Het enige punt van discussie is of bijzondere, individuele omstandigheden aanwezig zijn die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigen. Eiser stelde dat het uitzettingsbevel dergelijke omstandigheden bevatte.

De rechtbank oordeelt dat het uitzettingsbevel niet meer van toepassing is vanwege de claimacceptatie door Spanje. Eiser mag terugkeren naar Spanje waar zijn asielaanvraag zal worden behandeld conform Europese verplichtingen. Dit vormt geen bijzondere omstandigheden. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond.

Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is mondeling gedaan op 29 oktober 2020 door rechter E.F. Bethlehem in aanwezigheid van griffier S. Zohrabian.

Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.9686
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. P.R. van de Water),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. C.W.M. van Breda).

Procesverloop

Bij besluit van 23 april 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 oktober 2020. Eiser heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. Niet in geschil is dat Spanje op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag van eiser. Alleen in geschil is of verweerder ten onrechte geen toepassing heeft gegeven aan artikel 17 van Pro de Dublinverordening. [1] In dit kader heeft eiser alleen aangevoerd dat er sprake is van bijzondere, individuele omstandigheden die daartoe leiden. Deze zouden uit het uitzettingsbevel blijken.
2. Het uitzettingsbevel is niet meer van toepassing door de claimacceptatie van Spanje. Eiser mag terug naar Spanje en zijn asielaanvraag zal overeenkomstig de Europese verplichtingen worden behandeld door Spanje. Verweerder heeft dit in redelijkheid niet als bijzondere, individuele omstandigheden hoeven aan te merken.
3. Het beroep is ongegrond.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 29 oktober 2020 door
mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid vanmr. S. Zohrabian, griffier.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Voetnoten

1.Verordening (EU) nr. 604/2013.