ECLI:NL:RBDHA:2020:14325

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 augustus 2020
Publicatiedatum
1 maart 2021
Zaaknummer
NL20.14366
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na niet-ontvankelijkheid beroep

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 20 juli 2020 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker stelde hiertegen beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De behandeling van het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening vond plaats op 19 augustus 2020 te Utrecht. Verzoeker was niet persoonlijk aanwezig maar werd vertegenwoordigd door een waarnemer van zijn gemachtigde. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk.

Gezien deze beslissing in de hoofdzaak zag de voorzieningenrechter geen grond om de gevraagde voorlopige voorziening toe te kennen en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter M. Ramsaroep en griffier E. Kersten, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen na niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL20.14366
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. A. Heida), en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. A. Hadfy Kovacs).

Procesverloop

Bij besluit van 20 juli 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene asielprocedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van het door verzoeker ingediende beroep, geregistreerd onder het zaaknummer NL20.14365, plaatsgevonden op 19 augustus 2020. Verzoeker is niet verschenen maar heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. W.A. Berghuis, zijnde de waarnemer van zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep, geregistreerd onder het zaaknummer NL20.14365, niet-ontvankelijk verklaard. Gegeven de beslissing in de hoofdzaak is er geen grond voor het treffen van de gevraagde voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Ramsaroep, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E. Kersten, griffier.
Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
27 augustus 2020

Documentcode: [documentcode]

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.