ECLI:NL:RBDHA:2020:14281
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in vreemdelingenzaak
Verzoeker is op 12 mei 2020 in beroep gegaan tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat deze niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Nadat verzoeker het beroep had ingesteld, heeft de verweerder alsnog een beslissing genomen. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht de rechtbank om de proceskosten toe te kennen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de proceskosten aan verzoeker moet vergoeden omdat de beslistermijn was overschreden. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener had ingeschakeld en de zaak alleen ging over de overschrijding van de beslistermijn, werd een lager bedrag toegekend met een wegingsfactor van 0,5. Er waren geen andere kosten die vergoed konden worden.
De rechtbank veroordeelde de Staatssecretaris tot betaling van een bedrag van € 262,50 aan proceskosten aan verzoeker. De uitspraak werd gedaan door rechter S.G.M. van Veen op 28 augustus 2020 en is in het openbaar bekendgemaakt, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 262,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.