ECLI:NL:RBDHA:2020:1320
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing minderjarige
De zaak betreft het verzoek van Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden tot verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige die feitelijk bij pleegouders verblijft. De moeder heeft het ouderlijk gezag en stemt in met verlenging van de ondertoezichtstelling voor één jaar en de machtiging tot uithuisplaatsing voor zes maanden, om het advies van een forensisch psychologisch onderzoek (NIFP) uit te voeren.
De pleegouders stemmen in met verlenging voor een jaar, maar uiten zorgen over het herenigingstraject en de negatieve invloed daarvan op de stabiliteit van de minderjarige. De moeder benadrukt haar bereidheid tot samenwerking en het belang van een goede omgangsregeling met de pleegouders. De kinderrechter acht de gronden voor verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig en noodzakelijk.
De machtiging tot uithuisplaatsing wordt beperkt tot zes maanden, omdat het ambulante herenigingstraject naar verwachting voor de zomer afgerond kan zijn. De kinderrechter benadrukt het belang van duidelijkheid en stabiliteit voor de minderjarige en hoopt dat alle betrokkenen hun onderlinge strijd laten varen. De beschikking is mondeling gegeven op 31 januari 2020 en schriftelijk vastgesteld op 18 februari 2020.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling wordt verlengd voor één jaar en de machtiging tot uithuisplaatsing voor zes maanden om het ambulante herenigingstraject uit te voeren.