ECLI:NL:RBDHA:2020:1207
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens ontbrekende ondertekening maatregel van bewaring en toekenning schadevergoeding
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de maatregel van bewaring opgelegd door verweerder op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde dat de maatregel niet rechtsgeldig was omdat het besluit niet was ondertekend. Verweerder voerde aan dat digitale ondertekening volstond en verwees naar eerdere jurisprudentie, maar kon geen bewijs leveren van een geldige ondertekening op de datum van het besluit.
De rechtbank oordeelde dat op grond van vaste rechtspraak een maatregel van bewaring pas rechtsgeldig is indien deze is gedagtekend, ondertekend en met redenen omkleed, en dat de maatregel pas in werking treedt na uitreiking. Omdat het dossier geen geldig ondertekend besluit bevatte, was de maatregel van meet af aan onrechtmatig. De rechtbank hoefde daarom niet in te gaan op de overige beroepsgronden.
De rechtbank beveelt de onmiddellijke opheffing van de maatregel van bewaring en kent eiser een schadevergoeding toe van €1.120,- voor 14 dagen onrechtmatige vrijheidsontneming. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten van €1.050,-. De uitspraak werd gedaan door rechter L.M. Kos op 21 januari 2020 te Haarlem.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de maatregel van bewaring wordt opgeheven en een schadevergoeding van €1.120,- wordt toegekend.