Uitspraak
REchtbank DEN Haag
[eiser] , te [woonplaats 1] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Katwijk, verweerder
[derde-partij], te [woonplaats 2] , vergunninghouder.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Het geschil betreft een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van Katwijk voor het realiseren van vier nieuwe huurappartementen op een voormalig bankgebouw aan het Noordeinde 1A te Katwijk. Eiser stelde beroep in tegen deze vergunning en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening inhoudelijk behandeld en geconcludeerd dat nader onderzoek niet noodzakelijk is. De vergunning houdt onder meer een verhoging van de bouwhoogte in van circa 6,6 meter naar circa 10 meter.
Eiser voerde aan dat sprake zou zijn van een onevenredige vermindering van lichtinval en een toename van parkeerdruk. De rechtbank oordeelde dat de bezonningsstudie, ondanks dat deze in opdracht van vergunninghouder was opgesteld, betrouwbaar is en geen onevenredige vermindering van lichtinval aantoont. Tevens is voldoende parkeercapaciteit aanwezig, mede door nabijgelegen parkeergarages en het terrein achter het pand.
Gelet op deze overwegingen is het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.