ECLI:NL:RBDHA:2020:11021
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De rechtbank heeft het beroep behandeld zonder dat eiser of zijn gemachtigde aanwezig waren.
De rechtbank overweegt dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel dat Duitsland het asielverzoek adequaat zal behandelen. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat dit vertrouwensbeginsel niet geldt, bijvoorbeeld door systematische tekortkomingen in het Duitse asielstelsel of een reëel risico op indirect refoulement.
Ook is onvoldoende onderbouwd dat eiser een kwetsbare persoon is of dat zijn gezondheidstoestand zodanig ernstig is dat overdracht aan Duitsland een schending van artikel 3 EVRM Pro zou opleveren. De rechtbank acht het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland wordt ongegrond verklaard.