Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 18 juni 2020 te 's-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [naam aangever] opzettelijk van het leven te beroven meermalen, althans eenmaal, met een hamer, althans een hard voorwerp, in/op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [naam aangever] heeft geslagen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
(Artikel art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 287 Wetboek Pro van Strafrecht)
geslagen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
(Artikel art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 302 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht)
hij op of omstreeks 18 juni 2020 te 's-Gravenhage [naam aangever] heeft mishandeld door die [naam aangever] (meermalen) in de/een arm(en), in ieder geval in het lichaam, te bijten en/of (meermalen) in het gezicht en/of op het hoofd en/of op het lichaam te slaan;
(Artikel art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht)
3.Beoordeling van de tenlastelegging
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.Het toepasselijke wetsartikel
8.De beslissing
VIJFTIEN (15) DAGEN;