ECLI:NL:RBDHA:2020:10073
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Ghana
Verzoekster heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 3 juli 2020 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen is beroep ingesteld. Verzoekster heeft tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om het bestreden besluit tijdelijk te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld tijdens de zitting op 2 september 2020, samen met de behandeling van een gerelateerde zaak (NL20.13835). Tijdens deze zitting zijn beide partijen vertegenwoordigd door hun gemachtigden.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu het beroep in de hoofdzaak is behandeld en uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep in de hoofdzaak reeds is behandeld.