ECLI:NL:RBDHA:2019:8293
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij toevoeging en vergoeding extra uren
Eiser verzet zich tegen het besluit van de Raad voor Rechtsbijstand om een toevoeging en de vergoeding voor extra uren aan zijn advocaat toe te kennen in een strafzaak die reeds is afgerond. De Raad had eerder de toevoeging ingetrokken, maar op last van de rechtbank Noord-Nederland hersteld. Eiser betwist de rechtmatigheid van de herleving en wijst op vermeende fraude door zijn voormalige advocaat.
De rechtbank onderzoekt eerst of eiser belang heeft bij de behandeling van het beroep. Omdat de rechtsbijstand waarvoor de extra urenvergoeding is toegekend al is verleend en eiser sinds 2017 niet meer door de betreffende advocaat wordt vertegenwoordigd, is het belang beperkt. Bovendien heeft de nieuwe regeling waarbij veroordeelden zelf de kosten betalen geen toepassing op deze oudere zaak, zodat er geen financiële gevolgen zijn.
De rechtbank concludeert dat eiser geen procesbelang heeft bij het beroep en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. De inhoudelijke beoordeling van de zaak blijft daardoor achterwege. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.