Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling van het geschil
5.De beslissing
ts
Rechtbank Den Haag
Eiser is veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor het doden van zijn vriendin en ondergaat een detentievervangende behandeling bij Stichting Moria. Na een terugplaatsing naar de penitentiaire inrichting is hij weer bij Moria geplaatst, maar de Minister stemde niet in met het volledige verlofplan vanwege ontbrekende risicotaxatie en delictanalyse.
Eiser vordert in kort geding voortzetting van zijn behandeling en de daarbij behorende vrijheden, stellende dat de reclassering en Moria positief over zijn voortgang zijn en dat de Minister onrechtmatig handelt. De Staat voert verweer en stelt dat de beroepsprocedure bij de RSJ de juiste weg is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de RSJ-procedure voldoende waarborgen biedt en spoedig een uitspraak zal doen, waardoor er geen plaats is voor een kort geding. Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard en veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn kort geding en veroordeeld in de proceskosten.