Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 5 augustus 2019 in de zaak tussen
[EISER], te [PLAATS], eiser
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, verweerder
[VERGUNNINGHOUDSTER],te [PLAATS], vergunninghoudster
Procesverloop
SGR 19/220, SGR 19/288, SGR 19/303, SGR 19/304 en SGR 19/444. Eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde en door L.H. Mantel en ing. J. Jansen. Vergunninghoudster heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigden en door [A] en [B].
Overwegingen
b. de bouwhoogte van de gebouwen mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven.
Beslissing
mr. J.C.A. de Poorter, leden, in aanwezigheid van mr. R.A.E. Bach, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2019.