ECLI:NL:RBDHA:2019:7851
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- J.M. Vink
- J.C. Sluymer
- A.M. Gruschke
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing minderjarige
De rechtbank Den Haag heeft op 16 juli 2019 besloten de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige te verlengen tot 19 januari 2020. Dit besluit volgt op eerdere verlengingen en onderzoeken naar het toekomstperspectief van de minderjarige.
Ondanks inspanningen van de moeder en een belanghebbende om een veilige en stabiele thuissituatie te creëren, concludeert de gecertificeerde instelling dat de thuissituatie onvoldoende is verbeterd. Er is onvoldoende zicht op opvoedvaardigheden, onderlinge relaties en financiële situatie, en er is onvoldoende gewerkt aan dagbesteding, dagstructuur en emotionele beschikbaarheid. Daarom is terugkeer naar de ouders niet mogelijk en ligt het toekomstperspectief bij het netwerkpleeggezin van de pleegmoeder.
Een DNA-rapport bevestigde met grote zekerheid dat een andere persoon dan de belanghebbende de biologische vader is van de minderjarige. De rechtbank acht het noodzakelijk dat de minderjarige zo spoedig mogelijk, begeleid door een professional en na overleg met betrokken volwassenen, wordt voorgelicht over haar afstamming, mede ter ondersteuning van haar identiteitsontwikkeling.
De rechtbank handhaaft de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing op grond van de relevante wetsartikelen, gezien de onveilige opvoedomgeving en persoonlijke problematiek van de ouders. De pleegmoeder blijft bereid de zorg voor de minderjarige voort te zetten en alle betrokkenen stemmen in met de verlenging en het contact met de ouders onder begeleiding.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige tot 19 januari 2020.