Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
wonende te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
1.Procedure
2.De feiten
3.Het geschil
€ 3.114,08 plus P.M., te voldoen binnen vijf dagen na het geven van de beschikking;
Rechtbank Den Haag
In deze zaak vordert verzoeker dat ISS Nederland B.V. wordt veroordeeld tot maandelijkse bevoorschotting met een redelijk bedrag en vergoeding van buitengerechtelijke kosten in verband met een arbeidsongeval op 17 september 2015. De aansprakelijkheid van ISS wordt nog onderzocht en is niet erkend. Verzoeker stelde dat de kosten de dubbele redelijkheidstoets doorstaan en dat ISS de facturen zonder protest heeft behouden.
De rechtbank overweegt dat het verzoek onvoldoende specifiek is en niet onderbouwd hoe de bevoorschotting zou moeten plaatsvinden. De deelgeschilprocedure wordt gebruikt als incassoprocedure, wat niet is toegestaan. Er is geen sprake van een impasse die interventie van de rechter rechtvaardigt. Bovendien is reeds een bedrag van €7.500 aan buitengerechtelijke kosten vergoed, terwijl de schade nog wordt geïnventariseerd.
De kantonrechter concludeert dat het verzoek onterecht is ingesteld en kwalificeert dit als misbruik van procesrecht. Daarom wordt het verzoek afgewezen en wordt de begroting van de kosten achterwege gelaten. De uitspraak is gedaan door kantonrechter J.L.M. Luiten op 20 februari 2019.
Uitkomst: Het verzoek tot maandelijkse bevoorschotting en vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en misbruik van procesrecht.